De onschuld zelve

Gisterenavond moest ik nog boodschappen doen. Eerst Jan in bed, daarna tegen Louis en Zelie gezegd dat ze braaf moesten zijn, luisteren naar papa en dat, tegen dat ik terugkwam, ik ze niet meer mocht horen (ze delen nl. een kamer). Dus rond 19u30 was ik weg.

Terug in de zetel rond 20u25. Eerst leek het stil, maar plots leek ik toch iets te horen. Even geluisterd en ja, Louis is iets aan het zeggen/vertellen aan zijn zusje. Ik op kousevoeten naar boven, heel stil, om toch maar te horen wat er gebeurde voor ik ging reclameren.

Zelie is nl. een zeer goede aanstookster: ze fluistert heel stilletjes tegen Louis wat hij al dan niet moet doen en gezien Louis blijkbaar de kunst van het fluisteren (en dingen in stilte doen in het algemeen) nog niet volledig onder knie heeft, is hij steeds de enige die we horen. Dus besluiten we daar (soms onterecht) uit dat alleen Louis lawaai aan het maken is.

Bij het naar boven gaan hoor ik Zelie fluisteren, dus weet ik al dat er een conversatie aan de gang is tussen de twee. Ik trippel zacht verder tot aan de kamerdeur en hoor Louis over en weer lopen en dan stilstaan in de buurt van zijn bed. Ik doe dus het licht aan en vraag wie er over en het weer aan het lopen is en zo’n lawaai maakt en Louis, rechtopstaand in zijn bed, zegt geheel serieus “Zelie”.

Ik dacht dat ik in lachen zou uitbarsten. Zo komisch. Op heterdaad betrapt, maar het was toch Zelie. Prachtig.

Ik heb hem dan maar uitgelegd dat, als hij rechtop in zijn bed staat, dat dat niet goed is om dan te beweren dat het Zelie zou zijn.

‘k Heb ze daarna toch niet meer gehoord. 🙂

Geef een reactie