Derde keer, goede keer?

Na twee mislukte pogingen om (meer) aan sport te gaan doen door regelmatig te gaan zwemmen, ben ik vandaag aan mijn derde poging begonnen.

Bij mijn eerste twee pogingen ging ik zwemmen met een partner, onder de redenering dat, als ik alleen moet gaan zwemmen, het er dan toch niet van komt. Als er iemand mee gaat zwemmen dan gaat het excuus van ‘geen zin’ minder makkelijk op. Vandaar.

Maar door zeer drukke agenda’s van de twee achtereenvolgende personen is dat uiteindelijk niet gelukt. Telkens één keer gaan zwemmen en verder lukte het niet om een tweede dag vast te leggen.

Maar nu kan het niet meer mislukken: mijn zwempartner nu heeft enkel een agenda die van mij afhangt. Het is Louis.

Sinds enige weken volgt hij zwemles en dat doet hij trouwens zeer goed. De eerste weken ging Anna ook mee naar het zwembad, dus dan zat ik met haar gezellig aan de cafetaria te kijken naar Louis.

Maar sinds vorige week blijft Anna thuis, bij papa, om tijdig in haar bedje te kunnen. Ze heeft namelijk een nieuw ritme ontwikkelt hetgeen inhoud dat ze ten laatste tegen half acht in bed ligt, en dat komt dus goed uit.

Vorige week zat ik naar goede gewoonte vanaf de kant naar Louis te kijken toen ik op het lumineuze idee kwam om ook te zwemmen als Louis zijn lessen kreeg. Zo gezegd, zo gedaan en vandaag heb ik dus mijn goede voornemens weer opgepakt: mijn eerste keer zwemmen.

Het heeft deugd gedaan: moe maar voldaan. Ik denk dat ik van de komende zwemlessen veel genot zal hebben.

Geef een reactie