Meer tijd

Ik heb gewoon meer tijd in een dag en dit sinds gisteren. Fantastisch, nietwaar.

Kijk, voor mij is het nu pas 11.25u. Ik heb dus 12uur meer in mijn dag vandaag.

Enfin, ik wou dat het waar was. Sinds gisteren is de batterij van mijn uurwerk het immers aan het begeven. Toen ik Zelie en Louis om 14.00u op een feestje moesten afzetten, liep mijn uurwerk nog perfect. Toen ik om 16.30u mij klaarmaakte om ze terug af te halen vroeg den anderen waarom ik nog niet vertrokken was, want het was al 16.45u. Ik geloofde hem niet tot hij mij het uur op mijn GSM toonde, en dan nog eens op zijn GSM en ik dat voor de zekerheid toch nog eens dubbel controleerde met het uurwerk op de microgolfoven.

Ondertussen loopt mijn uurwerk dus geen 15 minuten meer achter, maar bijna 12 uur. Moest ik die nu nog in realiteit kunnen omzetten zou dat zalig zijn. Of niet?

Punt.

We hadden bezoek vanavond en eigenlijk tot deze voormiddag wisten we niet met hoeveel ze zouden afkomen. Maar ik had er mij op voorzien, dat we met tussen de 8 en 11 personen zouden kunnen zijn, dus uiteindelijk maakte het niet uit.

Ik zie dat altijd zitten, zo mensen over hebben om te eten. Ik plan graag een menu en kook graag voor een grote bende. Ik voel mij dan echt in mijn element.

We hadden vanavond uitgekozen omdat de agenda voor morgen leeg was. Uitzonderlijk. En zo kon ik genieten van de avond zonder in mijn achterhoofd mij zorgen te maken om het tekort aan slaap. Anderzijds is zaterdag toch wel ongeveer de druktste dag van de week. Temeer omdat er vannamiddag naar een verjaardagsfeestje moest gegaan worden in Puyenbroek en de drukke zaterdagroutine nog een graadje erger werd. Enfin, niet erger in de zin van drukker. Wel erger in de zin van (nog) minder tijd om voorbereidingen voor het etentje te doen, want Wachtebeke, dat is een eindje verder dan Gent centrum, nietwaar.

Tussen al het brengen en halen werd er grondig opgeruimd, gekuisd, de afwas gedaan, nog opgeruimd en, niet te vergeten, gekookt. De gasten werden rond 19.30u verwacht en toen kregen we iets voor 19.00u telefoon dat ze pas de trein van 19.30u in Brussel zouden nemen. ‘Oef’, dachten wij want zo kregen we toch een half uur meer om de voorbereidingen te doen. Om 19.30u kregen we dan telefoon dat ze toch nog de trein van nog een half uur later zouden nemen en opnieuw een ‘oef’ bij ons.

In plaats van om 19.30u zijn ze dan om 21.00u toegekomen en … wij waren nét klaar met alle voorbereidingen. Door de vertragingen van het volk was er een hoop stress weggevallen tijdens de voorbereidingen. We konden dan ook onmiddellijk aan tafel de rest van de avond verliep ongelooflijk ontspannen en aangenaam.

Tijd om er nu toch wel een punt achter te zetten.

Peststop-wave

Deze laatste week was ik nogal van de kaart: het nichtje van twee heel goede vriendinnen van onze twee oudsten is maandag uit het leven gestapt. Het nichtje van mijn goede vriendin. Ze kon het pesten niet meer aan. Lisa was 16 jaar en ze zag het helemaal niet meer zitten. Zelfmoord leek de enige uitweg.

Het nieuws was alsof ik een stomp in mijn maag kreeg. Herinneringen kwamen boven die ik liever nooit meer had tegengekomen. Want pesten, daar heb ik jammer genoeg veel en veel te veel ervaring mee gehad.

Ik werd ‘slachtoffer’ in het zesde studiejaar. Stomme jaloezie tussen kinderen van 11 jaar. Het pesten was ongelooflijk fysiek met stampen, kloppen, nijpen, slaan, … noem maar op. Tot bloedens toe. Psychisch deden ze er ook goed aan door. Een hel-jaar is het minste wat je er van kan zeggen. Situaties waarbij de hele vriendengroep van mijn kleine zus, toen in het vierde jaar basisschool, rondom mij kwam staan om mij te beschermen. Mij opsluiten in het toilet tijdens de korte speeltijden zodat ze niet aan mij konden. Hele speeltijden naast de leerkracht lopen zodat ze mij met rust zouden laten. Tijdens de middagpauze mijn fiets nemen naar huis om toch even te ontsnappen. Niet dat ik toestemming had om ’s middags naar huis te gaan, maar geen leerkracht op school die het in zijn hoofd zou gekregen hebben om mij tegen te houden. Iedereen wist wat er aan de hand was, maar toen was het ‘normaal’ dat dat genegeerd werd, dat er gedaan werd alsof er niets was.

In het eerste middelbaar werd het ‘beter’: de fysieke aanvallen stopten. Psychisch gingen de pesterijen door, maar de groep was serieus uitgedund en ik wist dat de ergsten onder hen het jaar erop naar de beroepsschool zouden verhuizen. Ik had dus hoop. Maar terwijl tegen het tweede middelbaar de ergste gevallen naar een andere school waren, was het pestzaad gezaaid voor de rest van mijn humaniorajaren.

Zeven jaar heeft die kwelling geduurd. Niet constant. Er waren periodes dat ik dacht dat het over was om dan weer te herbeginnen.

Mijn ‘geluk’ tijdens die jaren: de steun van mijn ouders, mijn broer en zus. Het feit dat ik tegen het tweede middelbaar een aantal ongelooflijk goede vriendinnen had die mij door dik en dun steunden, mijn hele humaniora lang. Vriendinnen die er trouwens nu nog steeds staan.

Zestien is echt een kantelleeftijd. Voor mij was dat het moment om te beslissen mezelf te zijn. Om te zeggen dat iedereen die mij niet kon aanvaarden zoals ik was, dat die de boom in konden. Niet dat dat het pesten minder kwetsend maakte, maar wel dat ik er mij beter tegen kon afzetten. Door mij te concentreren op de mensen die mij wel graag hadden, ging dat.

De gevolgen van die periode zijn zwaar geweest en zijn er nu nog steeds. De meeste mensen die mij kennen, die zien dat niet. De meeste mensen die mijn goed kennen, zien het wel. Het is een periode die serieuse litttekens heeft achtergelaten, littekens die eigenlijk nooit volledig genezen en die op elk moment weer opengereten kunnen worden. Zoals een paar jaar geleden, toen plots twee mensen, waarvan ik dacht dat het vrienden waren, mij van de ene dag op de andere lieten links liggen, zonder een woord uitleg. Dat heeft maanden geduurd vooraleer ik die weer kon tegenkomen zonder te sterven vanbinnen. Zelf uitleg vragen zeg je dan? Sorry, dat kan ik echt niet want wie weet welke verwijten ik dan weer zou te horen krijgen. Dan nog liever de stilte.

Thibault, de broer van Lisa, heeft gevraagd om STOP te zeggen tegen pesten. Met wat ik zelf meegemaakt heb kan ik niet anders dan daar meer dan 100% achter staan. Want pesten kan niet, mag niet. Niet door of tegen kinderen, maar ook niet door of tegen volwassenen.

Dus mensen, zeg gewoon stop tegen pesten. Please.

Einde zomer

Als we de weervoorspellingen mogen geloven was het vandaag wel echt de laatste zomerdag: vanaf morgen gaan de temperaturen langzaam aan kelderen. Zoals het hoort voor een deftige herfst.

Maar deze laatste dagen toch in schoonheid kunnen afsluiten, te beginnen met gisteren.

Een zalige namiddag, gespendeerd met de jongste dochter aan tafel, buiten, met voorbereidingen te maken voor het avondeten, want we kregen leuk bezoek. Anna schepte pitten uit kleine tomaatjes om die daarna te vullen met garnaaltjes. Ze haalde mosseltjes uit de schelp, die ik er daarna weer inlegde met een ‘streepje’ kruidensaus erover, we sneden tomaatjes en (buffel)mozarella en mengden die met basilicum, zout, peper en olijfolie, om dan ’s avonds op gedroogd-toast stokbrood te leggen (stokbrood in de oven gedroogd nadat het ingesmeerd was met een mengeling van olijfolie en gedroogde basilicum). Enfin, een heel gezellige namiddag met een dochter die doodcontent was dat ze zoveel kon meehelpen (ze doet dat zo graag, Anna, en als er messen aan te pas komen, kan ze dat dus nog niet echt) en een mama die blij was met de hulp en het gezelschap.

Een zalige dag ook omdat de andere dochter doodcontent terugkwam van haar weekend met het koor en orkest van de school. Ze glunderde gewoon. Zalig om zien dat ze zich zo goed gehad had.

Een zalige avond omdat we in zeer goed gezelschap verkeerden en honderduit konden bijpraten.

En vandaag er nog eens extra van genoten, want de drie jongsten hadden nog een extra dagje vrij waardoor ik ook nog een dagje verlof had genomen. We trokken in de voormiddag naar de Blaarmeersen, waar er ontgoocheling was omdat de glijbaan niet meer in werking was (het is 3 oktober hé kindjes, de zomer is voorbij … eigenlijk) maar waar we ons toch zeer goed geamuseerd hebben in de Krekenplas met water en ongelooflijk veel zon.

Waar we de rest van de namiddag, in afwachting van de thuiskomst van Zelie die wel school had, doorbrachten op ‘ons’ terras, leuk spelend en (ikzelf) een boek lezend. Waar we nog een laatste keer genoten van het buiten eten op straat en nog eens bleven praten met de buren.

Vanaf morgen keert het weer. Ik hoop dat ‘ze’ zich nog eens goed vergissen, want dit zalige weer mocht voor mij toch nog even blijven duren. Langs de andere kant: er hangen daar kleren in de kleerkast serieus stof te vangen. Tijd om die ook nog eens boven te halen.

Idem

Meneer volume 12 zegt het zowaar: weg is september.

Veel en veel en veel te druk geweest om goed te zijn. Vorige maandag zat ik er volledig door. Zin om achter alles een punt te zetten. Maar kijk. This too shall pass, and ik has.

Oktober ziet er een pak rustiger uit, dus ook meer tijd om hier te passeren en te vertellen. Van de oudste dochter die gisteren vertrokken is met het koor en orkest van de school om een weekend van repetitie te doen voor hun optreden op 22 oktober (Antwerpen) en 26 oktober (Gent) in de Opera. Spannend.

Of van onze jongste zoon die al een heel pak voetbalmatchen gespeeld heeft en wiens ploegje tot nu toe onverslagen bleef. Morgen match tegen de andere ploeg in hun reeks die nog niets verloren hebben, dus dat belooft ook spannend te worden.

Of van onze jongste, die gewoon in het eerste studiejaartje zit (een jaartje te vroeg) en waarvan blijkt dat dat een goede zet was (ik was daar toch niet echt gerust in) en die dus ondertussen begint te lezen en eigenlijk ook al mooi schrijft (het mooiste handschrift van de vier, nu al).

Of van onze oudste zoon, die een nieuwe stap in zijn ontwikkeling gezet heeft en waar ik zeer content van ben dat hij het aangedurfd heeft en dat dankzij een ongelooflijk goede leraar waardoor hij weer met veel plezier naar school gaat (de invloed van zo’n leerkracht op kinderen is toch echt niet te onderschatten).

Yep, oktober is begonnen en ik kan ook weer een beetje ademhalen. Het wordt sowieso een druk jaar voor mij: deze laatste twee semesters SLO ga ik keihard moeten werken. Maar kijk, met een beetje slaap in te halen en een paar dagen het kalmer aan te kunnen doen, zie ik het weer volledig zitten. Nog een paar maanden op de tanden bijten, en we geraken er wel.