We zouden van zelfcensuur moeten doen

WijvenweekIk ben blijkbaar niet de enige die het hier een beetje moeilijk mee hebben. Want zoals Lien zegt, al hetgeen jullie hier lezen zijn dingen die ik wil vertellen. Hetgeen op deze blog niet verschijnt, staat er niet om een reden. En dat heeft meestal niets te maken met mezelf te beschermen, wel met anderen te beschermen. Het is niet aan mij om de vuile was van andere buiten te hangen. Zeker niet op tinternet.

Ik heb dat nog gedaan. Berichten geschreven over anderen. Berichten waar andere mensen last mee kregen of die andere mensen kwetsten, ook al bedoelde ik dat niet zo. Ik heb mijn lesje geleerd en doe dat dus niet meer. Ook niet voor wijvenweek.

Wat jullie gerust mogen weten van mij persoonlijk zijn dingen die hier waarschijnlijk al de revue gepasseerd zijn: de mesthoop die ons huis is (een gebrek aan kasten is zeer ontmoedigend om op te ruimen, maar ik vrees dat ik het ondertussen gewoon opgegeven heb om ooit weer een deftige huisvrouw te worden), het feit dat ik categoriek weiger aan sport te doen, dat ik veel te veel hooi op mijn vork heb momenteel en dat dat ook weegt op mijn relaties (met de wederhelft, de kinderen, de vrienden … maar er is gelukkig licht aan het einde van de tunnel). Dat het hier thuis ook niet altijd rozengeur en maneschijn is, maar waar is het dat wel? Dat we schatjes van kinderen hebben die ik met regelmaat van de klok toch achter het behang wil plakken.

Dus hetgeen jullie hier niet lezen, dat komt er ook niet om een reden. Een goede reden, en dat wil ik zo houden.

Eindelijk

Anna neem ik nog steeds mee achteraan op de fiets, want zelf fietst ze nog altijd niet. Ze kan het niet omdat ze het niet wilwou proberen.

Ja, die ‘wil’ is ‘wou’ geworden sinds een paar dagen. Zondag waren Jan zijn vriendjes hier voor zijn verjaardagsfeestje en toen kreeg madam het eindelijk in haren kop: ze nam haar fietske (zonder trainingswielkes) en kwam aan mij vragen of ik met haar wou fietsen. Ik was net met iets bezig en zei dat ik dat binnen een paar minuutjes zou doen, maar Zelie nam over. ‘Kom Anna’ zei ze en ze toonde aan Anna wat ze moest doen om te leren fietsen.

En ja hoor. Nog geen 15 minuten later fietste madam helemaal alleen door de straat. Bijna twee jaar nadat ze de tweede kleuterklas verliet (toen ze nét had leren fietsen maar eens thuis niet meer wou proberen) heeft ze haar vertrouwen in de fiets teruggevonden en is ze er eindelijk mee weg.

Vandaag was het nog eens oefenen geblazen: straat op, straat af, rond boompje één naar boompje twee om dan daarrond te draaien en opnieuw. En toen zei ze “Mama, als ik roep, moet je kijken hé” en dus zei ik dat ik dat ging doen en keek ik toen ze riep … en reed ze pardoes tegen een muur (omdat ze haar bocht te breed genomen had).

De tranen waren niet tegen te houden, maar ze was dapper, klom terug op haar stalen ros en deed nog een paar toertjes, deze keer zonder te botsen.

Nog een paar dagen oefenen en dan kan ze zelf op de fiets naar school. Joepie!