Ideaal

Gisteren koud en miezerig en herfstweer. Vandaag was de zomer terug. Zalig.

Ideaal om een namiddag op de Kalandeberg door te brengen voor het Puppetbuskersfestival: leuke voorstellingen in de zon. Ideaal weer voor Louis om bij een vriendinnetje te gaan spelen, vooral omdat dat in een grote tuin kon die nog afgewerkt moet worden en die nu veel leuke, geheime plekjes heeft. Ideaal om te genieten in de binnentuin van het EFTC van een zalige voorstelling vooraleer naar huis te gaan om te eten en Jan en Anna in bed te steken. Ideaal om de avond af te sluiten om de niet-nader-genoemde-site en er een beetje te lang te blijven plakken met Zelie en Louis: we zijn nog maar een half uur terug thuis en terwijl ik Zelie en Louis in bed stak heb ik Michel dan maar aangemoedigd om mij op die niet-nader-genoemde-plaats af te lossen: er zaten (en ‘zitten’ duidelijk) daar vrienden en het was zeer gezellig.

Hopelijk is het morgen ook zo ideaal want dan ga ik naar mijn eerste voorstelling van het straattheaterfestival gaan kijken ’s avonds en mooi weer zou dus ideaal zijn: het is in openlucht. Of is dat overmorgen? Niet belangrijk, als het maar ideaal blijft.

De spits er af

De Gentse Feesten zijn dus begonnen. Naar de openingsstoet geweest en een beetje gefilmd. We stonden op zo’n afschuwelijk slechte plaats en zeker om te filmen. Maar dat is goed … voor de toekomst, want dan weten we dat we daar nooit, maar dan ook nooit meer moeten gaan staan. We stonden op de Groentenmarkt en er passeerden daar zoveel mensen die NIET naar de stoet wouden kijken. Resultaat: constant mensen in beeld die in de tegengestelde richting lopen en ook meeliepen en ook overliepen en langs achter probeerden door te komen en mij en de kinderen opzij duwden en stootten. Leuk is anders maar lesson learned dus.

Daarna rap naar huis om de beelden af te geven (voor het Project uiteraard), de kinderen fruit te geven en dan als de bliksem terug in het feestgewoel om naar een paar voorstellingen van het Puppetbuskersfestival te kijken (verslag morgen op u kent het al) en dan nog naar het EFTC om een beetje na te kletsen en een voorstellingske mee te pikken, met als resultaat dat Jan en Louis verschenen zijn op het laatavondjournaal (1min43).

Vermoeid maar voldaan zijn we naar huis gegaan. Morgen (of beter: straks) nog van dat. Joepie!

Vermoeiend

Sinds Louis weg is vind ik Jan zeer vermoeiend. Alles wat hij ziet, wil hij hebben. Of het nu om een ijsje gaat of kleren of drinken of …, dus buiten de deur komen is een opgave en een constant neen-zeggen. Ook thuis is het constant ‘ik wil’. Geen vijf minuten kan of wil hij zich bezighouden met iets of hij vraagt al naar iets anders. Het is dus al vier dagen een constante aanslag geweest op mijn  wilskracht.

Is het omdat broer en zus weg zijn dat hij zo doet of doet hij altijd zo en valt het nu alleen op omdat Zelie en Louis weg zijn, ik weet het niet. Maar als ik dus dacht dat het een paar kalme dagen zouden worden zonder de oudsten, dan had ik het dus goed mis: ik ben uitgeput.

Nochtans had ik er zin in voor vandaag: te helpen met de verhuis van mijn nicht en haar gezin. Zin op voorhand dus want de laatste dagen ben ik dus niet te fris opgestaan en deze ochtend was het niet veel beter en dus kon ik mijn moed niet bijeen rapen om te gaan helpen.

Straks gaan we dan maar de wekelijkse boodschappen doen en vanavond gaan Michel en ik gaan eten. Misschien dus maar best dat ik niet opgetrokken ben deze ochtend of ik zou vanavond niets meer waard geweest zijn: tafelgezelschap dat in slaap valt is niet het meest aangename dat er is.

11 juli

Al jaren is het op het Sint-Pietersplein te doen voor de 11 juli viering in Gent. Toen ik nog mijn stage deed en vlak bij de Overpoort woonde, passeerde ik ’s ochtends en zag de laatste voorbereidingen. Tegen dat ik ’s avonds naar huis ging zat ik dan middenin de ambiance. Soms bleef ik dan hangen, soms niet.

Eens we verhuisd zijn naar ons huidig huis ben ik er eigenlijk niet meer geraakt. Dat is ondertussen tien jaar geleden dus. Het ligt niet direct ‘op de weg’ en zo speciaal naar daar trekken om min of meer bekende groepen te zien, daar had ik geen zin in. Vooral ook misschien omdat het feest zelf mij niet echt interesseert: ik ben een Belg die Vlaams spreekt. Het enige leuke aan 11 juli voor mij is dat ik op een bedrijf werk die zijn werknemers die dag vrij geeft.

Maar ik ben nu een maal thuis en gezien er twee kinderen minder waren dit jaar en ik op het programma zag dat er toch kinderactiviteiten waren, ben ik er vandaag maar eens naartoe getrokken. Met de fiets en Jan reed zelf (en goed dat hij dat doet).

Wij zijn er rond half twee toegekomen en toen was het eigenlijk al bijna afgelopen voor de kinderen. Of neen. Ik moet het anders zeggen. Voor de kinderen begon het om 12u en het was de hele namiddag. Van 12u tot 13u was er straattheater en dan tot 14u was er kinderdisco en daarna waren er nog verschillende workshops voor kinderen. Maar! Uiteraard is er een maar!

Een paar opmerkingen dus. Ten eerste: wie krijgt het nu in godsnaam in zijn hoofd om kinderactiviteiten te starten om 12u. Wanneer moeten we ons gasten dan eten geven? Om 11u? Het is vakantie! Hallo! Iemand met kinderen in de organisatie? TIjdens de vakantie gaat het allemaal wat trager en dus om 11u eten is een beetje bij het haar getrokken, nietwaar. Zeker als ge tijdens het schooljaar al nooit om 11u eet.

Ten tweede: workshops voor kinderen, wreed leuk, maar sinds wanneer zijn alle kinderen direct minimum 6 jaar? En waarom kunnen dat geen open dingen zijn zodat iedereen kan deelnemen als ze toekomen? Want niet iedereen weet 1. op voorhand of ze zullen afzakken of niet. Als ge met kinderen op pad gaat wacht ge graag een beetje het weer af; 2. dat die workshops er zijn: als ge besluit om eens een kijkje te gaan nemen, dan doet ge dat soms op den bots; 3. dat ge u op voorhand moest inschrijven. Ik lees Gentblogt, maar niet iedereen doet dat.

Dus hebben wij het einde van de kinderdisco meegemaakt en een beetje rondgelopen op de rommelmarkt. Daarna zijn we de binnenkoer van het Huis van Kina overgelopen om een beetje in de tuin van de abdij rond te lopen. Gelukkig hebben kinderen niet veel meer nodig dan een helling en een beetje ruïnes om zich te amuseren.

Na de tuinepisode heb ik mij op het terras op de binnenkoer zelf gezet terwijl de kinderen het (reuze)speelgoed, dat – zeer positief - vrij te gebruiken was, op diezelfde binnenkoer inspecteerden en gebruikten. Opnieuw weinig zeer-kleine-kinderen kindvriendelijk speelgoed (er was zo’n plastic wip-achtig ding), maar ook al konden Jan en Anna het speelgoed niet gebruiken zoals het zou moeten (een reuze vier-op-een-rij spel, dat gaat hun petje te boven … en ook hun hoogte), ze hebben andere manieren gevonden om zich ermee te amuseren (jammer genoeg was er weinig toezicht bij dat speelgoed want toen ik Anna zag rondlopen met reuzegrote mikado stokken hield ik serieus mijn hart vast).

Wij hebben onze namiddag daar afgesloten met een ijsje en ja, ik ben dus niet content van de organisatie en zo maar ondanks dat hebben de kinderen zich geamuseerd en ik zo ook en dat is wat telt. Na het ijsje zijn we terug op de fiets gekropen richting EFTC om naar Lejo te gaan kijken. Afgesproken met een goede vriendin om nog eens naar de show te gaan bekijken: we hadden hem al vorig jaar al een paar keer gezien maar hij was zalig en de kinderen waren er dol op, enfin, Jan, Louis en Zelie toch want Anna was nog te klein om er veel van te beseffen.

Jan heeft zich weer kostelijk geamuseerd. Anna was de eerste helft doodsbenauwd. Die oogjes en vingers, ik denk dat ze het een beetje te beangstigend vond om die ‘apart’ te zien, zonder lichaam eraan. Toen er ongeveer halverwege een soort vogel opdook die dan opera begon te zingen, is Anna bijgedraaid. Toen werd kreeg haar nieuwsgierigheid en liefde voor muziek de overhand op haar angst en is ze ervan beginnen genieten. Er kwamen nog momenten waarop ze zich naar mij draaide en zich probeerde weg te steken, maar die duurden amper een paar seconden en toen kreeg de nieuwsgierigheid weer de overhand. Dan toch nog een geslaagd einde van de avond (en zeker dan dat klapke achteraf).

Zwaaien en waaien

De schilder moest langskomen om een productje op de muur te doen tegen het één of ander, en wanneer dat kon? Want het best zou zijn dat we dan de hele dag niet thuis waren wegens dat dat productje wel serieus stonk.

Vandaag moest Louis op kamp vertrekken. We moesten deze morgen om half elf aan het station zijn en dus, om onszelf te troosten dat we nu maar met drie meer waren (overdag toch), had ik Jan en Anna een dagje zee beloofd: op die manier was iedereen de hele dag de deur uit.

We waren op tijd aan het station om Louis af te zetten en uit te wuiven. Eigenlijk kon ik mij de moeite gespaard hebben, want binnen de twee minuten van toegekomen te zijn was Louis al zo opgeslorpt in de groep en met zijn vriendjes, dat hij al niet meer wist dat wij daar nog stonden. Maar onze trein vertrok later dan zijn trein, dus wat doet een mens dan? Wachten hé en hem effectief uitwuiven toen ze eindelijk naar het perron vertrokken. De wachttijd trouwens nog nuttig ingevuld door met een andere mama te babbelen en direct een lift te versieren voor Louis om naar huis te komen.

Eens Louis weg was, was het dus tijd om mijn ticket te kopen en dan ook te vertrekken en aanvankelijk had ik er nog goede hoop in. In het weer dan. Eens op het perron bleek het overtrokken te zijn, maar droog en uiteindelijk is dat het belangrijkst. Het bleef droog tot ongeveer twee minuten voor de trein binnenreed, en toen begon het te druppelen en eens we op de trein geïnstalleerd waren begon het te gieten … en het heeft niet meer opgehouden.

In plaats van te gaan uitwaaien aan zee, zijn we gaan uitregenen maar ondanks het kl*te weer was het toch een fijne dag. We hebben een aangenaam kleine pizzeria gevonden met lekker eten, daarna zijn we een kijkje gaan nemen op de Mercator. Vandaar naar de vismarkt gewandeld maar wegens dat het slecht weer was was er geen enkele boot uitgevaren en was er dus ook geen verse vis. Niet getreurd: we zijn dan naar de zee gegaan om daar pootje te baden … in onze rubberen laarzen (ik was zo slim geweest om ons die aan te doen). Als kers op de taart zijn we dan nog een ijsje (de kinderen)/pannenkoek (ik) gaan eten vooraleer op het gemak terug naar huis te keren.

Om half zes waren we terug thuis, de jassen volledig doorweekt maar al bij al nog warm en we hebben een goede dag gehad. Vijf minuten later hadden we alledrie onze pyjama, kamerjas en pantoffels aan en konden we ons volledig opwarmen.

Eens Anna in bed lag heb ik mijn kleren weer aangetrokken: even uit het oog verloren dat ik nog een vergadering had, maar tegen dan kon ik er weer tegen en had ik er geen probleem mee om het vuile weer nog eens te trotseren, met de fiets deze keer. Gelukkig was het eindelijk droog toen ik terug naar huis keerde.

Resistance is futile

Het is ondertussen een paar jaar geleden. Wij liepen in Oostende en gingen naar het Marie-Joséplein toen ik ze in de etalage zag. Ze schreewden het uit in de meest opzichtige kleuren en ik had er een instant hekel aan. Loeilelijk vond ik ze.

De kinderen waren erbij en, vooral dankzij de kleuren, werden ze er als een magneet naartoe getrokken. Het was dan nog een kinderwinkel ook en aangezien ze toch een nieuw paar nodig hadden heb ik ze in de plaats een deftig paar kunnen aansmeren. Over mijn dood lijk! dacht ik toen.

Maar vandaag ben ik gezwicht. Het is er uiteindelijk van gekomen en de kinderen hebben hun eerste paar. Nu, niet alle kinderen want Zelie zit er blijkbaar ergens tussen (het gaat per twee maten en de ene waren te nipt juist en de volgende maat te groot), maar Louis, Jan en Anna hebben er nu wel: Crocs!

Nu, de kleuren vallen nog mee. Jan heeft er in een soort bruin/groen, Louis heeft zwarte (de mevrouw had ook knalgele van Sponge Bob mee en ik heb rap gevraagd om die weg te steken, wat ze zeer goed begreep) en Anna heeft er in lichtgroen.

Moeder wordt dus softer met de jaren. Binnenkort gaan ze nog helemaal over mij heen lopen.

Het echte einde en begin

In principe is het schooljaar eigentlijk, feitelijk pas deze namiddag afgelopen. Vandaag was het immers de allerlaatste dag van de buitenschoolse activiteiten: brevettendag op de turnclub.

Deze ochtend mocht Jan zijn brevet halen. Om 9u waren we ter plaatse. Jan ging zonder problemen op het bankje zitten en dat is niet altijd het geval. Hij mocht zelfs een oefening voortonen en trots dat hij was. Daarna was het dus voor echt en hij deed dat zeer goed (uiteraard!), net zoals alle andere kleutertjes.

Zelie mocht in de namiddag haar ding doen. Even een valse start genomen toen we vertrokken want toen we er bijna waren merkte ik op dat ze al haar tuigen vergeten was. Rechtsomkeer naar huis dus met als nadeel dat we wel nog op tijd waren voor de oefeningen, maar te laat om nog (veel) te kunnen oefenen.

Maar de oefeningen gingen goed, had ik toch de indruk. De jury was blijkbaar niet zo overtuigd en Zelie is dus serieus teleurgesteld, wat ik verwacht had. Nochtans heeft ze het goed weggestoken, tot vanavond. Een half uur nadat ze naar bed was gegaan is ze wenend weer buitengekomen omdat ze verdrietig was over dat brevet.

Ze is haar tuigen weer vergeten, deze keer in de turnclub, dus we zullen overmorgen mogen teruggaan om ze te zoeken (en hopelijk heeft niemand ze meegenomen). Met een beetje geluk zien we iemand die gejureerd heeft en kunnen we dan om een woordje uitleg vragen. Zoniet, dan gaan we moeten wachten tot na de vakantie.

Maar het was haar verjaardag vandaag (hoera! 9 jaar!) en dus zijn we na het turnen nog eens tot Oudenaarde gereden om iets te drinken en eten met pepe (mijn papa dus), om tante Sofie en nonkel Andy te zien en de neefjes, om nog een beetje uit te waaien en af te reageren. Het was geen ideale verjaardag, maar één van de komende dagen maken we dat wel goed, driedubbel zelfs. We hebben er nu eindelijk de tijd voor.

Lap!

Als Jan te moe is dan maakt hij koorts en vanavond heeft hij het dus weer zitten.

Niet dat de koorts hoog is, maar het is toch maar koorts en hij voelt zich allesbehalve goed dan want hij heeft hoofdpijn en neut enorm veel dan. Leuk is anders, zowel voor hem als voor de mensen in zijn omgeving.

‘k Had het uiteraard zien aankomen. De laatste weken slaapt hij gewoon veel te weinig want tegen half zeven ’s ochtens is hij al wakker en meestal zit hij niet voor half acht ’s avonds in bed. Zeven uur is eigenlijk bedtijd, maar als het half acht is dan hebben we geluk: tegen dat ik alle kinderen heb kunnen afhalen, dat we gegeten hebben, dat ze gewassen zijn, de pyjama aan is en de tanden gepoetst, … Enfin, ik moet er geen tekeningetje bijmaken.

En zo slaapt Jan zijn 12 uur niet ’s nachts en na een tijdje wreekt zich dat: tegen dat het namiddag is krijgt hij lichte verhoging en tegen ’s avonds is dat al koorts.

Vanavond zat hij om twintig voor zeven in bed. Gelukkig eens ‘vroeg’ thuis kunnen zijn zodat hij rap heeft heeft kunnen eten (had toch geen honger). Zo heeft hij dan ook een langer verhaaltje gekregen dan anders en zat hij voor één keer op tijd in bed.

En nu hopen dat hij morgen niet om zes uur (of vroeger) opstaat :) 

Fiets, fiets, fiets

Jan heeft een eigen fietsje, maar het is zo’n kleintje waar ooit steunwieletjes aanzaten (en die er ondertussen af zijn want steunwieletjes heeft Jan al meer dan een jaar niet meer nodig) en de laatste tijd leek het toch echt of het fietsje te klein werd.

Enige tijd geleden waren we bij vriendin F. en haar drie kinderen en het gesprek kwam op haar buren en hun kinderen waarvan de jongste ondertussen al de leeftijd heeft van Zelie. Die buren hadden nog twee oude fietsen staan van toen hun kinderen klein waren en deden die weg. De grootste ervan was weg en ze hadden nog een kleiner maatje en dus vroeg ik: hoe klein? Want het zou een goed fietsje zijn (kwaliteitsgewijs) en als de maat groter was dan het fietsje thuis, zou dat misschien ideaal zijn voor Jan.

Vriendin F. ging informeren maar de tijd verstreek en we vergaten het alletwee. Tot ik het mij twee weken geleden opeens herinnerde. Toeval wou dat, toen ik F. erover aansprak, haar buurvrouw nét thuiskwam. No time like the present en dus troonden wij naar de buurvrouw met de vraag van het fietsje.

Buurvrouw ging onmiddellijk binnen en kwam met het fietsje buiten en joepie! het was de juiste maat. Alleen had het twee platte banden en mevrouw vond dat, gezien het fietsje er toch al jaren stond niets te doen én gezien er waarschijnlijk kosten aan zouden zijn, dat ik het fietsje gewoon mocht meenemen. Geen prijs te betalen of niets. Wreed vriendelijke madam dus én wreed wijs.

Die dag waren we met de fiets op stap en dus gingen we wachten om de fiets mee te nemen tot vorige week, als ik met de auto langskwam en dus het fietsje daarin kon steken.

Dinsdag was dan de dag: auto aanwezig, buurvrouw thuis, fietsje gevraagd én gekregen en dan dus in de auto en mee naar huis. Woensdag kwam dan vriend C. langs om te proberen om de platte band van Michel zijn fiets te herstellen en maakte ik tegelijk van de gelegenheid gebruik om de platte bandjes van het nieuwe fietsje te controleren: misschien konden ze gemaakt worden zonder dure fietsmakersrekening. C. had een sigarendoosje mee met allemaal vervangingsonderdeeltjes, lijm, plakkers en alles wat ge u kunt inbeelden dat ge zoudt kunnen nodig hebben, dus kon het onderzoek beginnen.

De ‘schade’ bleek meer dan mee te vallen: beide banden bleken nog in tiptop conditie. Geen gaatje te bekennen. Maar terwijl we de ene band zonder problemen konden oppompen bleek er toch ergens een lek te zijn in de tweede, maar waar? De expert van dienst had het probleem direct gevonden: de lucht onstnapte langs het ventiel en bij nader onderzoek bleek de rubber verstorven. Klein probleem dat dus onmiddellijk opgelost werd door het deeltje te vervangen door eentje met goede rubber op.

Sinds woensdagavond (laat) heeft Jan dus een nieuwe fiets en hij is er wreed content mee. Donderdagavond heeft hij er al direct mee rondgereden en toen we deze ochtend met de fiets wouden vertrekken naar school heb ik hem toch serieus moeten overtuigen dat hij toch nog een beetje te klein was om nu al zelf met de fiets naar school te gaan en dat hij nog bij mij achterop moest. Hij was zwaar teleurgesteld.

De komende maanden mag hij serieus oefenen en tijdens de vakantie ga ik eens zien in welke mate hij aan het verkeer kan wennen. Als alles goed gaat mag hij na de volgende herfsvakantie, als Anna naar school mag, dan zelf naar school fietsen.

Ze worden zo snel groot.