Feest

Gisteren gaven we een feestje, maar de genodigden wisten dat niet.

Het zat zo. We verstuurden uitnodigingen. Dezelfde uitnodiging naar één groepje mensen, en ook aan een ander groepje, en dan aan nog een ander groepje. In dat ene groepje zaten dan bv. twee koppels, in een andere drie  en in nog een andere vijf. En zo werden in totaal aan 30 mensen een uitnodiging gestuurd. Om gisterenavond dus af te komen. Er zou eten zijn, en drinken en ze mochten absoluut geen kadootje of iets meebrengen. Ze moesten alleen aanwezig zijn. Uiteindelijk bevestigden een 20 man dat ze zouden afkomen.

Een heel deel van de genodigden was familie en die hadden al een beetje door dat er voor dezelfde dag uitnodigingen gestuurd waren naar verschillende mensen. Alhoewel. Toen de mensen binnen sijpelden trokken ze toch nog ogen open. Dat er maar mensen bleven komen. De vrienden die kwamen hadden het niet echt door, want ja, die vrienden kenden noch elkaar, noch de familie, dus die konden niet met elkaar spreken om zo 2+2 te doen.

Er waren wat zorgen in de namiddag over waar we al die mensen gingen zetten, maar uiteindelijk is dat goed gelukt. Er waren voldoende stoelen, maar die werden uiteindelijk niet gebruikt wegens dat de mensen bleven staan. Er werd veel gebabbeld en gelachen en er was cava als aperitief, met allerlei knabbeltjes, niets te ingewikkeld.

Daarna was er (6kg) stoverij met (6kg) appelmoes en (10kg) frietjes, allemaal zelf en vers gemaakt en mooi in samenwerking tussen den anderen en ik: ik het stoofvlees, den anderen de appelmoes en samen de frietjes. Er waren twee soorten stoverij: runds en varkens, en in de varkensstoverij zaten er ook varkensniertjes, speciaal voor mijn papa en mijzelve. De rundsstoverij was op en van de andere blijft niet veel meer over. Van de appelmoes is nog een groot deel over maar van de frietjes hebben we maar één zakje nog in de diepvries kunnen steken. Er is dus goed gegeten geweest. Daarna was er nog ijs (vanille, pistache, aardbei, chocolade, speculaas), met rode vruchtensla (ook uit de diepvries) en verse chocoladesaus.

En het was leuk. De mensen gingen voldaan naar huis en ik denk dat ze zich wel  geamuseerd hebben. De laatste ging rond 4u weg, wat maakt dat ik nu wel een beetje moe ben, maar dat neem ik er graag bij.

Jammer dat er mensen niet bij konden zijn, maar die komen wel nog eens langs op een andere dag. Eén dag ligt trouwens al vast, nu nog de andere dagen.

Door weer en wind

Toen Dyson mij in mei contacteerde om te vragen of ik één van hun stofzuigers wou uitproberen zei ik onmiddellijk ‘ja’. Er staat hier al een Dyson, al een heel pak jaren, en het is een investering geweest waar ik mij nog geen moment over beklaagd heb.

Er werden afspraken gemaakt, ook met andere blogsters, en er zou samengekomen worden in september maar toen had Anna een ongelukje en kon ik uiteindelijk niet gaan. Toen ik achteraf hoorde dat elke aanwezige die avond met een eigen toestel naar huis is mogen gaan, was ik toch een beetje jaloers. Maar maar een klein beetje: ik had er uiteindelijk al één en wat moet ik nu doen met twee.

Tot ik eind november nog een mailtje ontving. Dat er een nieuwe Dyson uit was en of (onder andere) ik deze misschien wou uitproberen. En dan kunt ge spreken van een geluk bij een ongeluk, want die nieuwe is de Dyson City en  is er eentje in miniformaat, ideaal dus als tweede stofzuiger.

Het had nogal wat voeten in de aarde om hem te kunnen halen (voor mij, niet voor hen), maar uiteindelijk was vandaag de dag. Gezien ik zonder auto zit was het met het openbaar vervoer te doen en zo vertrok ik deze ochtend met de trein van 8u56 naar Antwerpen Centraal. Op voorhand gekeken waar de Vlaamse Kaai was en welke bus/tram ik zou moeten nemen om er te geraken en zo vol goede moed vertrokken.

Moed heb ik wel nodig gehad vandaag, want alhoewel ik een grote voorstander ben van het openbaar vervoer, in zo’n guur weer als het vandaag was is het allesbehalve aan te raden als je niet weet waar je allemaal moet zijn.

De trein was geen probleem. De Dampoort is hier vlakbij, ik was mooi op tijd zodat ik zelfs nog een koffie en een koek kon kopen en de trein was ook op tijd. Ik kon zitten zodat de rit naar Antwerpen vlekkeloos verliep.

Eens in Antwerpen Centraal was het andere koek: er stond een pijltje in het station welke de uitgang voor de bus was, maar eens buiten was er geen enkele indicatie meer. In de verste verte geen bushalte te zien. Er kwam een bus uit een straat en dus besloot ik die maar te volgen: uiteindelijk zou hij toch ergens bij een halte stoppen? Een hele eind verder zag ik uiteindelijk in een zijstraat aankondigingsborden voor de bussen. Het bleek het Rooseveltplein te zijn en daar kon ik effectief mijn bus nemen.

Waar aangekondigd stond dat de bus 5 minuten later zou  toekomen, bleek dat algauw 15 min te zijn. 15 lange minuten in de bijtende wind en ijskoude regen. Leuk is anders. Toen de bus er was vroeg ik vriendelijk aan de chauffeur of hij mij wou waarschuwen wanneer ik bij mijn halte zou aankomen en ik had een zeer vriendelijke en grappige chauffeur die dat met plezier zou doen. De busrit zou zo’n 20 minuten duren, tijd om een beetje op te warmen, maar na 25 minuten maakte ik mij toch een beetje ongerust. Bleek dat de chauffeur mij een beetje uit het oog verloren had en zelfs dacht dat ik al afgestapt was en ik dus mijn halte al een eind voorbij gereden was voor ik hem erop attent kon maken dat ik nog steeds op een teken wachtte. Geen paniek, de bus rijdt om de 10 minuten en ik moest gewoon een paar haltes terug. Maar die 10 minuten werden er uiteindelijk 20 en zo werd ik opnieuw koud tot in de toppen van mijn tenen. De tweede chauffeur verwittigde mij wel op tijd en toen was het opnieuw de kou in op zoek naar de plaats van afspraak, wat gemakkelijk gevonden was.

Een gezellige babbel gehad met Caroline van Dyson. Een koffie, een beetje uitleg over het toestel, een beetje praten over koetjes en kalfjes en het was weer tijd om de kou te trotseren, ditmaal gewapend met een doos met daarin een stofzuiger.

Het is een relatief klein ding, dus de doos is ook niet groot en was gemakkelijk te dragen. De tweede buschauffeur had mij de tip gegeven een tram terug te nemen, niet naar Centraal maar naar het station van Berchem: de halte was dichterbij, de rit iets korter én zo ging mijn treinrit ook iets korter zijn. De tramhalte was makkelijk te vinden, maar net zoals bij de bus moest ik toch een eind wachten vooraleer er een tram opdook. Gelukkig was het een ‘nieuwe’ tram deze keer waarin de haltes werden afgeroepen, zodat ik niet op de chauffeur moest rekenen om af te stappen en ik zonder omwegen in het station van Berchem toekwam. Maar daar had ik weer pech: in principe had ik 10 minuten om mijn trein te halen en dus ging ik op mijn gemak op het perron zitten. Maar die 10 minuten gingen voorbij zonder enig teken van een trein en pas na nog eens 3 minuten kwam er eindelijk een bericht dat de trein 12 minuten vertraging had. Daar zat ik dus weer in de ijzig koude wind te bevriezen terwijl ik voor de zoveelste keer vandaag stond te wachten op het openbaar vervoer.

De vertraging is nog een beetje ingehaald onderweg, maar eens in Gent kon ik te voet, met de fiets aan de hand, naar huis: ondanks dat het een klein toestel is pastte de doos van de Dyson niet in één van mijn fietstassen en dus moest ik ze maar laten balanceren op het stoeltje van Anna.

Moet ik nog zeggen hoe content ik was toen ik eindelijk thuis was, in de warmte én ik eindelijk kon eten. Want ondertussen was het dus 13u45, juist: vijf uur nadat ik thuis vertrokken was stond ik terug in mijn keuken.

Binnenkort: het openen van de doos. Oh ja, en goed in de gaten houden, want dan laat ik jullie weten hoe je misschien zelf zo’n Dyson City volledig gratis en voor niets kunt krijgen.

Zoektocht

Deze ochtend gaan zoeken naar mijn sleutel. In principe zijn er niet zoveel plaatsen waar ik mijn sleutelbos uithaal. Het zijn wel lastige plaatsen om hem terug te vinden.

Plaats 1 is thuis en daar heb ik hem dus niet gevonden. Plaats 2, de fietsrekken op het werk, heb ik gisteren laten controleren door mijn collega. Plaats 3 is het station hier in Gent, Sint-Pieters, waar ik deze ochtend rondgetuurd heb.

Het ‘geluk’ was dat ik deze week mijn fiets enkel geparkeerd had onder de brug. Wel op drie verschillende plaatsen, maar zo lang is die tunnel nu ook weer niet. En dus ben ik deze morgen twee keer over en weer gegaan turend tussen de fietsen of ik nergens een sleutel op de grond zag liggen. Jammer genoeg geen geluk gehad. Dan maar achtereenvolgens naar de dienst verloren voorwerpen, de politie en het kot van De Lijn met de vraag of niemand een autosleutel had binnengebracht, maar ook hier geen geluk.

Volgende week is het station van Brugge aan de beurt, ook gekend als plaats 4.

’t Is nu dat verdriet

Om 15u stonden we vertrekkensklaar: voetbaltraining voor Jan. Het is een 10minuutjes rijden, dus we waren mooi op tijd. Dus ging Zelie al naar de auto … en vroeg waar de autosleutels waren.

Ik trok mijn wenkbrauwen op, want de autosleutel hangt bij de sleutel van de voordeur die aan de voordeur zelf hangt. Hoe kon ze daar nu naastkijken? Maar wat bleek. Aan de hele sleutelbos geen autosleutel te bekennen. Hij is eraf gevallen. Eénvan de ringen waaraan de sleutels hangen sluit niet meer mooi en blijkbaar is de autosleutel tijdens al het gewring met de sleutelbos (daar hangen ook de sleutels van mijn fietssloten aan, deze van mijn bureau, van Jan zijn fietsslot) de laatste dagen ertussen geraakt en er dus afgevallen.

Kwijt! Weg! Miserie dus. Wanneer en waar, God mag het weten want ik heb de auto niet meer gebruikt sinds zondag. Toch nog eens de fietstassen binnenstebuiten gekeerd net zoals de zakken van mijn jas. Voordeel dat nu alle vuiligheid en niet-meer-nuttige papiertjes eruit zijn, maar tussen al dat gekuis en geruim was er dus geen autosleutel te vinden. Ook mijn collega gebeld of zij op het werk eens kon kijken tussen de fietsrekken daar, maar niets gevonden.

Morgen aan het station nog eens goed zoeken tussen de rekken en ondertussen de garage gebeld om een dubbel te laten maken: zelfs als ik hem zou terugvinden, dan nog is een dubbel handig om in huis te hebben, nietwaar.

Waar mijn reservesleutel is? Wel, het is mijn reservesleutel die nu kwijt is want een aantal jaar geleden is mijn handtas gestolen geweest mét sleutelbos en dus ook de andere autosleutel.

Geen auto dus voor de komende dagen, wat niet zo handig is want zaterdag zijn er de activiteiten en er moeten ook boodschappen gedaan worden wegens dat we zaterdagavond volk hebben. Inmiddels mijn schoonmoeder gebeld en eens gehoord in welke mate zij ons kan helpen en gelukkig kan zij. Maar zo afhankelijk zijn is toch ook niet alles.

Dat ze mij dus maar rap bellen van de garage dat de nieuwe sleutel toegekomen is.

Schrik

En zo vertrok ik maandagochtend zoals gewoonlijk met de kinderen naar school. Op de fiets. Toen na een straat of drie de opmerking klonk ‘mama, uw licht werkt niet’. Even voorover geleund om te kijken en lap, het was waar, mijn voorlicht werkte niet meer.

Op vrijdag voordien werkte het nog prima. Twee dagen niet gefietst en een kapot licht. Niet leuk dus. Vooral omdat het nog schemerde en ik dus niet zo goed zichtbaar meer was. Ik erger mij  namelijk dood aan fietsers zonder licht en nu was ik er zelf één, ook al had ik nog een achterlicht. Maar ik fietste niet op mijn gemak.

Tegen dat ik Anna op school had afgezet, was het al licht genoeg om zonder licht te fietsen en dus stak ik zonder veel angst het drukke kruispunt naar het station over. Maar voordien heb ik genoeg angsten uitgestaan. Zeker toen ik in de Savaanstraat reed en er een opening tussen de kinderen en mij was gekomen (de kinderen ruiken de stal en schieten weg op dat laatste stukje) en er plots een portier van een geparkeerde auto bijna vlak voor mijn wielen openging. De persoon in de auto moet zich een breuk verschoten hebben en ik niet minder.

Gelukkig is er nu Max Mobiel aan het station en die heeft onmiddellijk naar het licht gekeken én het zonder problemen kunnen herstellen: het lampje was gewoon gesprongen. ’s Avonds voelde ik mij weer helemaal op mijn gemak toen ik naar huis fietste.

Maar hoe dat sommige fietsers dat doen zo zonder licht, ik begrijp dat niet.

Ijs

Het vriest nog (altijd) niet buiten, maar gisteren hebben we toch een pak ijs gezien. In Brugge. Op het ijssculpturenfestival.

Ik heb daar zo’n dubbele relatie mee. Het is de derde keer (denk ik) dat we gaan kijken en ik sta altijd in bewondering voor de dingen die ze daar maken. Niet alleen mooi gedaan, maar zo’n dingen uit ijs maken, het kan niet aangenaam zijn voor de handen en voeten. Anderzijds is het toch wel een beetje veel geld, zo’n bezoekje. Als je daar 15min over doet, zal het veel zijn, dus veel geld kwijt voor weinig tijd. En toch ga ik terug met de kinderen en geniet ik er weer van.

Gisteren zijn we geweest met nog een aantal ouders (en hun kinderen dus ook) van het jaar van Zelie. Elk jaar proberen de klasafgevaardigden een acitiviteit te organiseren zodat de ouders van de klas elkaar ook een beetje leren kennen en de opkomst is zeer wisselend. Dit jaar had ik, als klasafgevaardigde van Zelie haar klas, de handen in elkaar geslaan met deze van een ander 5e, en gelukkig ook, want de opkomst was niet denderend. Langs de andere kant, net genoeg ouders om gezellig met elkaar te kunnen babbelen, om met iedereen te kunnen babbelen en de groep onder controle te kunnen houden: we waren met een kleine 30 man.

’t Was een zeer leuke voormiddag, met achteraf een deugdoende warme chocomelk en een picknick in de tent. Nog van die uitstappen.

Hoofd of tand

Zaterdagavond lag ik te zieltogen in de zetel.

Een stekende pijn in mijn hoofd, gaande van aan de bovenkant van mijn neus, over mijn linkerwenkbrouw en -oog, mooi naar beneden langs mijn wang om door mijn tanden (maaltand linksboven en linksonder) te eindigen onder mijn kaak, naast mijn kin.

Het deed mij vaag denken een een scène die ik ooit ergens zag (film? reportage? serie?)  waar een man een volkomen gezonde tand eigenhandig uittrok wegens zoveel pijn, terwijl hij wist dat die tand niet de oorzaak was, maar dat hij van die pijn af wou zijn. Dat gevoel had ik ook.

De oorzaak zat namelijk in mijn sinussen, maar tandpijn dat ik had. Ik had zo zin om mijn tanden eruit te trekken. De pilletjes werkten niet goed die avond. Gelukkig was het deze morgen al een pak beter.

Handjesvervolg

Vandaag nog eens met Anna op controle geweest voor haar handje en Harry was zeer tevreden over hoe het eruit ziet. Het was een maand geleden en we hebben alleen goede commentaar gekregen. Ik was blij, want ook al denk ik dat het er goed uitziet, het is toch altijd afwachten wat de kenners ervan zeggen.

Het vervelende aan die hand is, dat je  er als verzorger, nooit een dagje vrij van kan nemen. Nooit kan je zeggen, ik heb vandaag echt geen goesting/ben veel te moe. Het moet gedaan worden. ’s Ochtends én ’s avonds. Het moet gehydrateerd blijven, 24u op 24u en als je dat niet minstens 2 keer per dag verzorgt, dan droogt het volledig uit met alle (negatieve) gevolgen vandien.

En als dat nog geen tijd genoeg in beslag nam (hand wassen, 2 tot 3 keer inwrijven met vettige crème, siliconen erop, drukverband erover en dan beginnen prutsen onder dat verband tot die siliconen weer mooi plat liggen), heb ik er nu nog een taak bijgekregen, als kinesist.

Minstens één keer per dag zal ik haar vingertje(s) moeten strekken op een bepaalde manier: 30 seconden aanhouden en dat 3 x na elkaar. Liefst in het weekend ’s ochtends én ’s avonds.

Er moeten dringend meer uren in een dag komen.

Sensatie

Koorts kan eigenlijk ook wel wijs zijn.

Zo lag ik gisteren in bed en besefte ik dat heel mijn hoofd gloeide. Meer zelfs. Het was alsof het warmte uitstraalde, zoals een kachel, zodat iedereen die in de buurt was gerust zijn handen kon warmen door in de buurt van mijn hoofd te zijn. Niet dat ook maar iemand was, maar het was de gedachte.

Een beetje later koelde mijn hoofd af en verplaatste de warmte zich naar mijn middenrif, armen en handen. Het deed mij denken aan die ‘genezers’ die hun handen boven mensen houden en dat die mensen dan een warmte voelen en zo ‘genezen’ geraken en ik vroeg mij af of ik dat nu ook zou kunnen doen (alsof hé).

Ik vroeg mij af of de warmte nog zou zakken, maar ik kan het niet bevestigen of ontkennen, want ik ben dan in slaap gevallen.

De koorts is minder vandaag, de hoofdpijn en zwakte niet. Gloeien zal ik dus straks wel niet doen in mijn bed. Nadeel van minder koorts: mijn kraantje, dat door de warmte gelijk wat opgedroogd was, staat weer volop te lekken en mijn sinuspillen zijn op (vandaar ook dat de koppijn niet verbeterd is). Morgen dus langs de apotheker passeren.

Maar al bij al gaat het dus de goede kant op.