Nog water

Eerste dag voetbalkamp is niet doorgegaan. Jan stond deze ochtend op met diarhee en tegen dat we moesten vertrekken had hij al twee keer een ongelukje gehad in zijn broek. Ik vond het dus niet echt opportuun om hem zo op kamp te sturen.

Jan zelf zag het trouwens ook niet zitten, dus misschien dat zijn mentale ingesteldheid er wel iets voor tussen zat. Hij was ook nog heel moe: afgelopen week een kamp, druk weekend met feest en tornooi en vandaag opnieuw beginnen … Hij was niet onmiddellijk te motiveren.

Tegen deze middag waren zijn darmprobleempjes voorbij en toen vriendin E. belde om te gaan zwemmen zag hij dat wel zitten. De andere kinderen ook en dus spraken we af om nog eens tot in De Haan te rijden. De gietende regen buiten liet toch niet toe om veel anders te doen en dus gingen we maar binnen in het water spelen.

Twee uurtjes spelen in het zwembad. Veel met Jan en Anna gespeeld en meer dan eens pakpaard gespeeld met die twee rond mijn nek/arm/rug  om de diepere delen te gaan verkennen. Op tijd thuis om te eten en voor één keer zat Jan mooi op tijd in bed.

Toen ik hem vanavond vroeg of hij het zag zitten om morgen op kamp te gaan was hij al veel positiever ingesteld. Wat een dagje bij mama allemaal niet kan doen 🙂

Eerste tekenen

Vandaag het eerste echte teken dat de schoolvakantie op zijn einde loopt: Jan had zijn eerste tornooi.

Alhoewel. Het zijn de eerste tekenen voor ons, maar eigenlijk is het voetbalseizoen al sinds het begin van deze maand begonnen en is dit het tweede tornooi. Wegens communicatiemisverstanden waren wij daar niet van op de hoogte, maar langs de andere kant kon hij toen toch niet meespelen wegens niet thuis.

Maar het was dus zijn eerste tornooi als U7. Vier matchen te spelen waarvan maar eentje verloren en dus de rest gewonnen. Jan heeft zelf 3 goals gemaakt en content dat hij was.

Morgen begint hij weer een voetbalkamp, zaterdag nog een tornooi en tegen dan is het bijna weer school: amper nog een goede week te gaan.

Time flies.

He’s back

We waren net op tijd om Jan van het kamp af te halen. Het was net beginnen regenen en de kinderen stonden onder de poort te wachten. Hij was blij om ons te zien, maar niet overdreven.

Hij keek zelfs een beetje sip en toen ik vroeg wat er was, was het: moe (doodmoe zal meer de lading dekken) en toch wat triest dat zijn weekje bij zijn tante erop zat. Dubbele gevoelens dus.

Hij heeft zich dus zeer goed gehad. Op zijn ‘rapport’ van het einde van de week heeft hij één voldoende en voor de rest allemaal zeer goed én hij heeft Frank De Bleeckere ontmoet en hij staat op de foto met hem. Niet dat hij daar van onder de indruk was, want hij wist dus niet wie het was, maar soit.

We hebben bij mijn zus gegeten en de kinderen hebben dus nog een tijdje kunnen spelen en tegen dat we naar huis gingen waren de dubbele gevoelens voorbij: hij was blij dat we er waren en dat hij terug naar huis ging.

Hij is terug en ik heb daar absoluut geen dubbele gevoelens bij: ik ben doodcontent.

Eén dag afwezig

Het geeft toch een heel ander gevoel, Jan weg in plaats van Zelie of Louis. Misschien omdat Zelie en Louis al meer weg geweest zijn en ik dat al een beetje gewoon ben, misschien omdat Jan toch nog klein is, … ik weet het niet.

Dus probeerde ik deze namiddag Jan te bereiken. Niet om te weten of hij zich goed had bij mijn zus, daar heb ik geen twijfels over, wel om te weten of het voetbalkamp leuk was.

Eerste telefoon lukte niet. Of beter, mijn zus was aan het werk en dan wordt de thuistelefoon doorgeschakeld naar haar GSM voor eventuele klanten. Zus wel gesproken maar ze was op verplaatsing, dus geen gesprek met zoon.

Tweede poging: schoonbroer telefoneren op zijn GSM, maar hij nam niet op. Poging twee mislukte dus ook. Even later nog eens geprobeerd, maar nog steeds geen opname.

Om 20u30 kreeg ik dan telefoon van mijn zus. Ze had gezien dat ik mijn schoonbroer had proberen te bereiken, maar hij had het niet gehoord. Terwijl ik opnam was mijn zus blijkbaar nog in gesprek met Jan want ik hoorde haar hem geruststellen dat ze ‘enkel mama belde omdat mama jou al proberen bellen had’.

Eindelijk Jan aan de lijn gekregen en hij klonk zeer blij: het voetbalkamp was leuk geweest, de andere kinderen zijn leuk en hij zit in een klein groepje van 7 kinderen. Veel meer dan ‘ja’ en ‘neen’ kwam er niet uit, maar dat verwachtte ik ook niet.

Daarna nog even mijn zus aan de lijn en alles was blijkbaar zeer vlot verlopen. Hij had hoogrode kaken na de eerste dag (teken van vermoeidheid bij Jan: hoe moeier, hoe roder zijn kaken worden tot ze een fluoroos worden als hij doodmoe is) en hij ging nu slapen en ondertussen waren zijn kaken effectief fluoroos.

Ik vermoed dat ik vrijdag een doodgelukkig, maar doodmoe manneke ga terugkrijgen 🙂

Drukke weekends zijn wijs

En zo zit het weekend er ook weer op. De tijd vliegt en soms is dat goed, soms minder.

Gisterennamiddag naar mamie gegaan. Beetje gebabbeld, beetje gelezen, beetje boodschappen gedaan en dan een beeetje laat naar huis om te eten.

Zondag kwamen er vier vriendinnetjes. De acht kinderen keken samen naar Alice in Wonderland van Tim Burton en daarna aten we pannenkoeken. De mama kwam toen ook nog langs (mijn vriendin) en ik maakte nog een beetje pannenkoeken bij en wij kletsten ook nog een beetje bij.

Tegen 18u ging het richting Oudenaarde, naar mijn zus. Jan begint morgen met een voetbalkamp in Oudenaarde en hij mag dus komende week bij zijn tante, nonkel en neefjes blijven slapen.

We hebben daar gegeten en de kinderen hebben nog lang met de neefjes gespeeld en op de trampoline gesprongen. Rond 21u15 zijn we dan toch weer naar huis vertrokken, Jan achterlatend. Ik had een krop in mijn keel, maar ik heb mij sterk gehouden. Hij daarentegen had er geen enkel probleem mee 🙂

Ondertussen zitten Anna en Louis in bed en moet ik nog even aan de gedachte wennen dat ik Jan niet meer zal zien tot vrijdag. Maar ik weet dat hij een fantastische week zal hebben, dus ben ik wel wreed blij voor hem.

Typisch

Voor de vakantie begon het Louis en Jan op hun heupen te werken. ‘Het’ zijnde dat ze hun speelgoed niet meer terugvonden en niet meer goed wisten wat waar zat. Dus gingen ze tijdens de vakantie de spullen op hun slaapkamer sorteren.

Tweede dag van de vakantie en ze begonnen er aan. Alles werd van zijn plaats gehaald en verzet. Dingen werden in dozen gestoken, andere er juist uit gehaald, … Dat duurde toch wel zo’n 2 uur, wat ik al behoorlijk lang vond.

Dag drie van de vakantie en er gebeurde … niets. We gingen zwemmen bij mamie en van opruimen kwam niets meer in huis.

Dag vier en Louis ging nog eens naar boven. Jan bleef beneden spelen. Ik hoorde gerommel en gesleur gedurende een uur of twee en dan was het weer afgelopen.

Sindsdien gebeurde er … juist, niets meer. De kamer is één en al rommel en je kan er amper meer door. Maar overmorgen komt de schoonmaakster en dan moet er iets gebeurd zijn.

Het plan is dus om morgenvroeg te proberen er weer wat orde in te krijgen. Morgenmiddag zijn we immers afgesproken met vrienden om de dag door te brengen. Dus hebben we in de voormiddag toch nog een paar uur om iets te doen.

‘We’ dus, niet ‘zij’, want ik vrees dat zonder mijn hulp, de kamer voor de rest van de vakantie een mesthoop zal blijven 🙂

Voor alles is een oplossing

Jan heeft dus een oorontsteking, maar behalve pijn aan zijn oor valt het dus mee: geen koorts, niet hangerig, niet lastig.

Hijzelf is niet lastig, maar wat wel lastig is, is dat hij niet met de fiets weg kan. De wind is momenteel te koud en als die in zijn oor komt, is het janken geblazen. En dan merkt ge pas hoe gewoon ge het al zijt om overal met de fiets naartoe te gaan.

Maar kijk. Voor alles is een oplossing: deze namiddag moesten we na school naar de kapper. Met de auto was uitgesloten want die kan ik nergens parkeren in de buurt van de kapper. Te voet ging ook niet, want dan gingen we te laat zijn. Fiets was dus de enige optie.

Oplossing: Jan een trui aangedaan met een kap, daarbovenop zijn helm en zorgen dat de riempjes rond zijn hoofd goed aansloten en hop, de fiets op. Voor de zekerheid voordien nog een maatje Nurofen gegeven en Jan heeft geen last gehad.

Timing is everything

Het zat er al aan te komen, maar deze ochtend was het er dan toch nog: Jan begon plots heel hard te huilen van de pijn in zijn oor.

Er zat niets anders op dan hem thuis te houden om naar de dokter te kunnen gaan (diagnose: lichte ooronsteking), maar net vandaag was er veel te doen. Het moet altijd wel lukken nietwaar.

Dus werd de afspraak met vriendin E. kort gehouden, ging het bezoekje aan de braderij in de Brabantdam vliegensvlug (verplicht wegens een winkel met zeer goede kinderschoenen voor geen geld, enkel tijdens de braderij – € 60 voor 5 paar schoenen, kan tellen nietwaar), namen we de auto in plaats van de fiets om naar de cinema te gaan (tickets voor morgen kopen) en gingen we te voet naar de beenhouwer.

Straks is er nog ballet voor Anna, want het is haar toonmoment en dat kan ik moeilijk missen. Met de auto, want Jan kan moeilijk met de fiets.

Vanavond ga ik dan eten met mijn zus en nichtjes, maar tegen dan is Michel al thuis en kan ik de zorgen voor onzen zieken aan hem overlaten.

Voetbalmoederdag

Het voetbalseizoen loopt wel op zijn einde en er zijn al weken geen ‘echte’ matchen meer geweest, maar er zijn wel nog toernooien.

Eén er van is morgen gepland. Juist. Op moederdag.

En in plaats van dat het toernooi in de namiddag is. Vergeet het. Om 8u15 zijn we afgesproken aan de club om dan samen naar Olsene door te rijden.

8u15. Op een zondag. Op moederdag.

*Zucht* Een mens moet toch wat overhebben hé voor zijn kinderen.