Coördinatie

Jawel: nog eens een postje over Anna.

Haar fijne motoriek gaat er ook met sprongen op vooruit. Sinds enige tijd wil ze bijna niet meer eten als ze het niet zelf kan doen.

Ik weet dat ze al eens zo een fase gehad heeft, maar toen kón ze het echt nog niet. Het scheppen wou niet lukken, de lepel naar haar mond brengen al helemaal niet en als hij haar mond al bereikte dan lag het eten er meestal al af of werd het volledig rond haar mond gesmeerd.

Die coördinatie die vroeger mankeerde is er nu wel. Meestal wil ik haar een hapje geven en draait ze resoluut haar hoofd weg. Als ik het lepeltje dan in haar bord legt neemt ze het mooi en goed vast in haar handje en brengt het mooi naar haar mond mét al het eten er nog op.

Het scheppen zelf wil nog niet lukken: het lepeltje glijdt eerder over het eten dan dat ze het erin kan steken, maar dat komt dus nog.

Deze namiddag heeft ze dan ook nog druiven van de tros getrokken: helemaal alleen en heel voorzichtig … of toch: ze heeft er twee af kunnen trekken, de rest heb ik haar gegeven.

Next!

Wiebel wobbel

Deze voormiddag. Anna.

Ze zat mooi op haar poep bij haar papa en ik weet niet wat hij juist met haar aan het doen was, maar plots ging ze van zitten naar staan, helemaal alleen, zonder steun.

Ze is zo een paar seconden blijven staan en heeft zich dan weer mooi neergezet.

Staan! Alleen! Zonder steun! (voor moest ge het de eerste keer niet goed gelezen hebben)

Moeilijk

Ik had het al eerder gezegd: sinds de Paasvakantie heeft Jan het lastig om afscheid te nemen.

Even zag het er naar uit dat het weer de goede kant op ging: een tweetal weken geleden heeft hij gedurende een dag of drie braaf (een) kusje(s) gegeven, een dikke knuffel en weg was hij, zonder wenen en direct aan het spelen met de kindjes.

Het heeft niet mogen duren want behalve die paar dagen is het weer elke ochtend groot drama: een kusje, een knuffel, nog één, nog ééntje, de allerlaatste, nog ééntje, … en dat blijft zo maar doorgaan tot ik hem relatief hardhandig van mij moet aftrekken en aan de juffrouw geven.

Gelukkig duurt het allemaal niet lang want tegen dat ik mijn rug goed gekeerd heb is de huilpartij al over, maar leuk is anders.

Het ambetante is, is dat ik de indruk heb dat het aan het escaleren is, want nu begint hij ook ’s avonds lastig te doen. Hetzelfde ritueel als als ik hem afzet aan school, begint hij nu toe te passen als ik hem in bed steek: een kusje en knuffel, nog één en nog één en nog één… het houdt niet op als het van hem afhangt.

Gisteren is uiteindelijk Michel naar boven moeten gaan, want hij wist niet van ophouden. Echt niet leuk, want ik hoor hem zo roepen en verdrietig zijn en het breekt mijn hart, maar aan de andere kant: ik kan toch moeilijk bij hem blijven zitten en zijn handje vasthouden tot hij slaapt.

Ik hoop dat het een fase is en dat het vlug voorbij gaat. Als het effectief te maken heeft met het in de opvang verblijven tijdens de Paasvakantie, dan heb ik tenminste de juiste beslissing genomen wat betreft de grote vakantie, want dan heb ik een maand ouderschapsverlof opgenomen zodat ik bijna de twee maanden thuis zal zijn.

En ik denk dat ik ook een beetje kordater zal zijn vanaf nu, want uiteindelijk werk ik het een beetje in de hand vermoed ik zo: één kusje en knuffel en dan resoluut weg. Eens zien of het dan verbetert.

Sprongen

Jan doet het goed op school. De juffrouwen spreken vol lof over hem en je ziet het ook hoe hij zich ontwikkelt.

Toen hij begin dit jaar begon was hij amper 2,5 jaar: hij is van 18 februari dus hij was twee weken voor de aanvang van het schooljaar 2,5 geworden en, mits hij zindelijk zou zijn (en dat was hij ook), mocht hij dus op 1 september beginnen.

Je zag toen dat hij toch de jongste was en zo een klein manneken in dienen hoop.

Maar ondertussen is hij dat al lang niet meer: hij is één van de haantjes de voorste en doet meer dan goed mee met ‘den hoop’. Hij moet zeker niet onderdoen van de drie-jarigen (allez, de kindjes die drie waren voor het nieuwe jaar), integendeel. Ik hoor dat hij het soms beter doet dan die ‘oudere’ kindjes.

Waaraan je het heel goed ziet dat hij vooruitgang boekt is aan zijn kleuren. In september was het vooral ‘kriebel-krabbel’: veel lijnen op een blad maar geen enkele tekening werd eigenlijk ingekleurd. Sedert een maand of twee begint hij echt te letten op zijn kleuren en op de tekeningen en probeert hij binnen de lijntjes te kleuren. En trots dat hij is als een tekening mooi ingekleurd geraakt.

Pff. Nog een klein kindje dat langzaam maar zeker groot wordt. Gelukkig is hij een grote knuffelaar en emotioneel nog echt mijn kleine jongen (maar zeg hem dat niet hoor want nu hij drie is, is hij al groot 😉 )

Stap één naar stappen

Terwijl zowel Zelie als Louis als Jan al aan de hand liepen (of moet ik zeggen ‘waggelden’) toen ze een jaar werden, weigerde Anna dat te doen.

Ze trekt zich nu al geruime tijd op en als ze op haar voetjes stond stapte ze wel links en rechts om te geraken waar ze wou, maar eens je haar aan de handen nam ging ze spontaan door de knieën. ‘Mij niet gezien’ was haar redenering blijkbaar en ze weigerde resoluut om zelfs maar te proberen.

Tot vorige zaterdag.

Ik weet niet meer waarom ik het probeerde, maar toen ik haar beide handjes vastnam begon ze spontaan te stappen. 13 maanden en één dag na haar geboorte heeft Anna haar eerste relatief echte stapjes gezet.

Nu ze de smaak te pakken heeft kan ze er ook bijna niet genoeg van krijgen, uiteraard enkel op Anna-voorwaarden, zijnde als zij het wil. En zoals ik al zei: ze kan nog niet spreken maar ze kan het zeer goed uitleggen.

Als ze op de arm zit en ze wil stappen wijst ze resoluut naar de grond, gaat voorover hangen en roept heel luid tot we haar op de grond zetten en haar vasthouden om te beginnen stappen. Heel grappig eigenlijk.

Gisteren had ze zelfs maar één handje gegeven. Met de andere hield ze mijn broekspijp vast, nu niet het meest stabiele iets, en zo liepen we van de ene kant naar de andere.

Ze is misschien een beetje later begonnen met oefenen, maar ik heb zo de indruk dat ze er uiteindelijk toch iets rapper met weg zal zijn. We zien wel.

Kuren

Sinds Anna de nacht doorslaapt is ze altijd al een goede slaper geweest. Zelfs als ze ’s nachts wakker werd om één of andere reden (tandjes, ziek, …) was het nooit moeilijk om haar opnieuw in bed te krijgen: eventjes beneden een minuut of twee op de schoot en zonder probleem sliep ze dan onmiddellijk opnieuw in.

Maar sinds enige tijd heeft Anna af en toe kuren. Ze slaapt al een beetje moeilijker in tegenwoordig, maar al bij al valt dat nog mee.

Het is een beetje later. Ze komt zo een tweetal uur later wakker en krijst dan alles bijeen.

Het lijkt alsof ze pijn heeft, of honger, of toch dat er iets is, want ze krijst en weent en wringt zich in alle bochten. Soms kalmeert ze en als je denkt dat het dan voorbij is herbegint het weer.

Al vanalles geprobeerd (fles, verversen, suppo, …) maar niets lijkt te helpen. Pas als ze volledig uitgeput is krijg je ze terug in bed. En dat uitgeput, dat kan wel even duren: makkelijk twee uur of meer.

Aangenaam is anders (vraag maar aan de wederhelft) en de vraag/twijfel blijft of er echt iets is of of het gewoon muilentrekkerij is en manipulatie. Vooral omdat ze effectief, als ze gekalmeerd is en je zegt dat ze terug naar haar bed moet, onmiddellijk opnieuw begint te huilen ook al heb je nog geen voet verzet.

De volgende keer toch eens goed op de tanden bijten: één keer mag ze nog uit bed, maar daarna toch eens kijken of het niet te maken zou kunnen hebben met verlatingsangst. If so: in bed laten, laten wenen en regelmatig terug aan haar bedje om haar te sussen, tot ze het opgeeft.

We hebben het doorstaan met de andere drie, de vierde keer zullen we het ook wel overleven zeker maar oh wee mijnen nachtrust.

Zindelijk-the next episode

Sinds de vorige post hierover heeft Jan nog één keer in zijn pamper geplast. Sindsdien was hij droog gebleven.

Twee dagen geleden ging ik met hem naar boven en ik was zijn pamper vergeten. Omdat hij een beetje moeilijk had gedaan om te gaan slapen wou ik niet direct met hem terug naar beneden en dus heb ik de beslissing genomen om hem zonder pamper te laten slapen.

Eerst nog eens met hem naar het toilet (‘maar ik heb al pipi gedaan’, ‘we gaan toch nog eens proberen hoor schat’, ‘maar ik moet niet meer hoor’, ‘toch hoor Jan, je weet nooit’ – op toilet gezet en uiteraard moest hij wel), en dan gezegd dat hij, als hij ’s nachts moest plassen, hij mij maar moest roepen en dus niet in bed plassen.

Hij heeft mij ’s nachts niet wakker gemaakt en ’s morgens was zijn bedje droog. De nacht erna werd dit herhaald en opnieuw succes.

Telkens toen hij opstond vroeg ik of zijn broek nog droog was en apetrots, met een glimlach zo breed als zijn gezicht, zei hij ‘Ja!’.

Het is nu de derde nacht op rij dat Jan zonder pamper gaat slapen. Hopelijk zet hij de trend verder.

Nieuwe tactiek

Jan zijn terrible two’s zouden voorbij moeten zijn. Uiteindelijk is hij onlangs drie geworden.

Maar sinds een paar dagen, een week, is hij een nieuwe toer opgegaan, een niet al te aangename.

Hij begint ongelooflijk koppig te worden. Als hij zijn zinnen op iets heeft gezet heeft moet en zal hij het krijgen. Of, dat denkt hij toch.

Hoe? Hij vraagt het. Eerst vriendelijk, dan nog eens en nog eens en hoe langer ik neen zeg, hoe meer hij begint te zagen. Onophoudelijk. Doordrammen om uiteindelijk te eindigen in hartgrondig gehuil. De tactiek van ‘de aanhouder wint’.

Alleen, als bij ons iets neen is, blijft het zo.

Niet aangenaam, dat kan ik u wel verzekeren. De huilbuien en crisissen van de laatste dagen zijn niet meer bij te houden. Hij weet echt niet van ophouden, alsof, als hij lang genoeg doordoet, hij toch zijn zin kan krijgen.

Eens zien hoe lang deze fase zal duren.

Eigenwijs II

Vanavond nog maar eens een staaltje van Anna’s ijzeren wil.

Ze heeft twee en een half uur gekrijst. Alles geprobeerd, of dat dachten we toch: verversen, water willen geven (fles werd hardhandig weggeduwd), gewone melk (hardhandig weggeduwd), rondlopen, in bed, uit bed, op de schoot, samen met mij in ons bed, … niets lukte. Anna bleef maar krijsen.

Conclusie: ze heeft pijn. Misschien een tand die erdoor komt? Suppo gestoken dus. Normaal gezien is er dan een duidelijke verbetering in het volgende half uur. Deze keer: niets.

Uiteindelijk heb ik nog eens geprobeerd om haar een fles te maken, deze keer met poeder. Op het moment dat madam zag dat ik haar (normale) fles maakte, werd ze plots doodstil en supergeconcentreerd. Elke beweging heeft ze aandachtig gevolgd: fles met water doen, fles in de microgolfoven, ondertussen poeder in mengbeker, warm water in de mengbeker en goed roeren (de formule klontert nogal en dus meng ik de melk eerst met een garde), melk in de fles, dop erop.

Eens de dop erop, ging haar mondje open en richting fles: het kon blijkbaar niet rap genoeg.

‘k Heb nog net de tijd gehad om mij in de zetel te zetten vooraleer er opnieuw een concert zou uitgebroken zijn. Van zodra ik zat nam ze de fles met beide handjes en stak ze vol overgave in haar mond.

Als het in haren kop zit, zit het niet in haar gat (zoals ze zo schoon bij ons zeggen).

Eigenwijs

Sinds Anna ziek geworden is heeft ze eigenlijk zo goed als geen vaste voeding meer gegeten.

Toen ze ziek was was het niet meer dan logisch: als je last hebt van je maag/buik (overgeven en diarree), heb je niet echt honger. Maar sinds ze zich beter voelt is het nog niet veel veranderd.

Sinds een paar dagen drinkt ze opnieuw haar grote flessen melk, dus verhongeren doet ze niet, maar patatjes: vergeet het. Fruit: een beetje.

Het probleem zit hem namelijk in het feit dat Anna nogal eigenwijs is: sinds een tijdje wil ze zelf eten. Alleen. Ze weigert haar mond open te doen als ik er eten in wil steken, dus dat geeft problemen.

Want haar fles zelf drinken is geen probleem en vandaar dat ze dus haar melk drinkt. Een banaan in haar handje nemen en opknabbelen kan ze ook, al komt er dan banaan op gans haar gezicht en op haar kleren en, als ze op iemands schoot zit, op die persoon 🙂 Dus fruit eten, als ze het zelf kan vastnemen, doet ze ook.

Patatjes is dus het grote probleem: ze kan haar lepel nog niet goed genoeg coördineren om hem, mét eten erop, in haar mondje te krijgen. Meestal, tegen dat het lepeltje in haar mond zit, heeft ze hem al omgedraaid waardoor al het eten er al  weer af is gevallen.

Toen Zelie, Louis en Jan die periode begonnen gaf ik hen een lepeltje waarmee ze konden prutsen en voor elke hap die naast hun mond belandde, kon ik er een in hun mond steken.

Anna daarentegen weigert zo’n behandeling: als ze mijn lepel ziet afkomen nijpt ze hard haar mondje dicht en draait resoluut haar hoofdje weg. Als ik er dan toch een lepeltje in krijg spuwt ze dat weer uit.

Tja, this too shall pass, I guess 🙂